NVM: nauwelijks nog keuze op de woningmarkt

NVM: nauwelijks nog keuze op de woningmarkt

De Nederlandse woningmarkt is krap geworden. Er is nauwelijks nog keuze en goedkopere woningen voor starters zijn al helemaal niet meer te vinden. Dat stelt de NVM op basis van de nieuwste woningmarktcijfers.

Voor het eerst sinds het dieptepunt van de woningmarktcrisis enkele jaren terug daalde het aantal verkochte woningen tussen oktober en eind december weer. De laatste maanden van 2017 verwisselden slechts 61.000 huizen van eigenaar. Dat is 6 procent minder dan een jaar eerder.

Vooral appartementen worden minder verkocht (-13,5 procent). Bij andere typen woningen was de daling slechts 2 tot 3 procent.

Daarnaast stond er ruim een derde (36 procent) minder woningen te koop.  Medio november betrof het aanbod even maar 59.600 panden. Het aantal aangeboden appartementen lag bijna de helft (47,6 procent) lager dan vorig jaar.

,,We moeten terug naar 2003 om getallen van onder de 60.000 bij de NVM te vinden'', zegt NVM-voorzitter Ger Jaarsma. ,,Samen met de aangescherpte financieringsregels vormt dat een extra belemmering voor met name starters op de woningmarkt.''

Volgens de NVM is de Nederlandse woningmarkt niet meer evenwichtig. In gebieden in en rond Amsterdam, maar ook in steden als Groningen kunnen kopers nog slechts kiezen uit twee woningen of minder.  Ter vergelijking: in Noordoost-Groningen of Den Helder zijn dat er tien. ,,De woningmarkt in Nederland is daarmee van een 'evenwichtige' een 'krappe' woningmarkt geworden'', stelt voorzitter Jaarsma.

,,Door het tekort aan aanbod en het hoge aantal transacties wordt het voor veel consumenten steeds moeilijker om een geschikte woning te vinden.''

De stijging van de woningprijzen zet hard door. In 2017 werden huizen 9,1 procent duurder. Een gemiddelde woning kost nu 269.000 euro. Ook gaat de verkoop steeds sneller: afgelopen maanden wisselde een woning gemiddeld in 52 dagen van eigenaar. Slechts 1 op de 13 woningen stond een jaar of langer in de verkoop. Van de woningen wordt 28 procent boven de vraagprijs verkocht. 17 procent gaat voor de gevraagde prijs van de hand.

Over heel 2017 zijn er met 166.000 woningen wel iets meer huizen verkocht dan in 2016. Het verschil is slechts 1.000 panden.

Met name in de regio's Den Haag (+20 procent) en Almere (+18 procent) stegen de huizenprijzen afgelopen jaar enorm. In Amsterdam, waar de hausse lange tijd het grootst was, zwakt de stijging met 14 procent af. ,,Dat komt mede door het inmiddels hoge prijsniveau in de hoofdstad.''

Er zijn ook regio's waar de prijzen helemaal niet toenamen. Dat is het geval in Zuidwest-Drenthe, Hardenberg en Almelo.

Het valt grootste makelaarsclub NVM op dat de verdeling van het woningaanbod sinds de crisis flink is veranderd. Medio 2013 maakten appartementen bijna een derde van de aangeboden huizen uit. Nu is dan nog slechts 17 procent. Het aandeel vrijstaande huizen juist steeg van 25 naar 38 procent.

 ,,Eén van de achterliggende oorzaken is dat in de steden, waar appartementen het grootste deel van de woningvoorraad vormen, de woningmarkt het snelst en krachtigst is hersteld'', licht Jaarsma toe. ,,De grote vraag naar appartementen zorgt ervoor dat het aanbod van dit woningtype snel afneemt.''

De NVM pleit voor meer nieuwbouw om de woningmarkt niet te laten vastlopen. Weliswaar trekt de bouw van nieuwe woningen aan - van 50.000 per jaar afgelopen vijf jaar naar 70.000 nieuwe huizen komende jaren -  maar door de crisis bestaat er een grote achterstand. Dit jaar piekt de achterstand op 200.000 woningen. Dat zal in 2025 door de aantrekkende nieuwbouw de helft zijn.

 

16 januari 2018